Aan het begin van de twintigste eeuw werkte een groot deel van de New Yorkse kledingindustrie met jonge, vrouwelijke immigranten. Ze kwamen uit onder meer Italië, Oost-Europa en het Ottomaanse Rijk. In fabrieken zoals de Triangle Shirtwaist Factory werkten ze lange dagen in kleine, slecht verluchte ruimtes. Ze werden betaald per stuk, wat betekende dat pauzes nemen geld kostte.
In 1909 groeide de onvrede. Duizenden vrouwen legden het werk neer tijdens wat later bekend werd als The Uprising of the 20,000. Ze eisten hogere lonen, kortere werkdagen en vooral veiligere werkomstandigheden. Veel fabrieken gingen akkoord, maar de eigenaars van de Triangle Shirtwaist Factory weigerden om grote veranderingen door te voeren.
Staken op straat
De stakingen speelden zich niet alleen af in de fabrieken, maar ook op straat. Vrouwen verzamelden zich buiten de gebouwen, riepen slogans en hielden spandoeken omhoog. Dit is te zien in onze tweede scène. Voor velen was protesteren een grote stap. Ze riskeerden ontslag, arrestatie of geweld. Toch bleven ze doorgaan, gesteund door vakbonden en vrouwenorganisaties.
Deze acties maakten duidelijk hoe ongelijk de machtsverhouding was tussen arbeiders en fabriekseigenaars. De stakingen brachten een beetje verandering op gang, maar ze maakten ook zichtbaar wie niet wilde luisteren.
De brand van 1911
Op 25 maart 1911 brak er brand uit in de Triangle Shirtwaist Factory. De nooduitgangen waren slecht bereikbaar en sommige deuren waren op slot. Veel arbeiders konden niet ontsnappen. In totaal kwamen 146 mensen om het leven, bijna allemaal jonge vrouwen.
De brand kwam niet onverwacht. Tijdens de stakingen hadden arbeiders al gewaarschuwd voor de onveilige situatie in de fabriek. Toch werden hun eisen genegeerd. Pas na de ramp kwamen er strengere regels rond brandveiligheid en arbeidsomstandigheden.
Waarom dit verhaal vandaag nog telt
Dit verhaal is meer dan geschiedenis. Ook vandaag werken mensen wereldwijd in onveilige omstandigheden, vaak in de kledingindustrie. De Triangle-brand toont wat er kan gebeuren wanneer winst belangrijker wordt dan mensen.
Daarnaast laat dit verhaal zien hoe belangrijk collectieve actie is. De vrouwen van 1909 hadden weinig macht, maar door samen te staken dwongen ze verandering af. Die strijd is vandaag nog altijd herkenbaar.
Keuzes in de VR-ruimte
Onze VR-wereld bestaat uit drie scènes. In de eerste scène bevindt de gebruiker zich in de fabriek in 1909. Je hoort getuigenissen van werksters over hun dagelijkse leven en de moeilijke werkomstandigheden. Deze persoonlijke verhalen maken duidelijk waarom de stakingen begonnen. De autoriteit van de baas wordt ook duidelijk weergegeven, want we wilden benadrukken dat de vrouwen weinig tot niets te zeggen hadden. Daarom was het net nog moediger dat ze durfden te staken.
De tweede scène speelt zich af buiten, tijdens een staking. Hier ligt de focus op de groepsdynamiek: solidariteit, maar ook angst en onzekerheid. De gebruiker ervaart hoe spannend en riskant staken was. De bazen staan er maar op te kijken.
In de derde scène wordt de brand van 1911 getoond. Dat moment kon niet ontbreken, vooral om duidelijk te maken dat de werkomstandigheden niet expliciet beter werden. Met deze scène wilden we vooral de paniek aan het licht brengen, ook al konden de vrouwen de brand wel al zien aankomen.
We hebben bewust niet alle historische details in de VR-ruimte verwerkt. De ervaring is vooral bedoeld om te voelen hoe het was.
Onderzoek en bronnen
We raadpleegden verschillende journalistieke bronnen. Artikels van PBS American Experience, het Tenement Museum en National Geographic gaven inzicht in de stakingen, de werkomstandigheden en de gevolgen van de brand. Het Zinn Education Project, de AFL-CIO en het Swarthmore Nonviolent Action Database hielpen om de rol van vakbonden en collectieve actie beter te begrijpen. Wikipedia werd gebruikt als startpunt, maar alle informatie werd gecontroleerd met andere bronnen.