Nieuwe technologie helpt mensen met beperking communiceren

| Dit artikel past in een opdracht voor studenten uit het tweede jaar met als onderwerp nieuwsjager.

Bezoekers leren nieuwe technologieën kennen op de Com@Modembeurs bij Thomas More.

 

Met nieuwe technologische snufjes kunnen we mensen met een beperking beter laten communiceren. Deze hulpmiddelen worden voorgesteld op de Com@Modemdag aan de Thomas Morecampus in Geel.

Voor mensen met een beperking is het niet makkelijk om bijvoorbeeld deel te nemen aan een gesprek of berichten te versturen. Maar dankzij apps, toestellen en technologische hulpmiddelen kunnen we ook die mensen helpen in het dagelijkse leven. Op de Com@Modemdag aan Thomas More waren er verschillende workshops, lezingen en een beurs om deze technologieën voor te stellen.

Organisator van de beurs en oprichter van Modem Wim De Backer is erg positief: “De technologie verandert constant en er komen steeds meer nieuwe spullen op de markt. Voor therapeuten en begeleiders is het niet altijd makkelijk om bij te houden wat er allemaal bestaat, dus wij hebben de taak om hen vandaag in te lichten. Zo komt de informatie uiteindelijk terecht bij de personen die het nodig hebben.”

Tijdens de beurs wordt er een primeur voorgesteld in de hulpverlening. De app Proloquo2go biedt kaartjes met afbeeldingen waardoor mensen die moeilijkheden hebben met spreken, kunnen aanduiden wat ze willen zeggen. De app is gebaseerd op picto-selector. Dat programma laat je makkelijk pictogrammen in roosters afprinten die je kan gebruiken om te tonen wat je wil zeggen.

Er bestaan al verschillende apps voor allerlei soorten beperkingen. Earfy maakt van gesproken taal geschreven taal, waardoor mensen met een slecht gehoor makkelijker kunnen deelnemen aan een gesprek. Een andere app, Be My Eyes, brengt blinden en slechtzienden in contact met hulpverleners. Jeroen Baldewijns, verantwoordelijke voor de expertisecel rond hulpmiddelen bij Blindenzorg Licht en Liefde, legt uit hoe het werkt: “Als een blinde of slechtziende bijvoorbeeld een boek zoekt in een stapel, kan hij een oproep uitsturen via de app. Een hulpverlener die dezelfde app heeft, krijgt dan een melding. De persoon die hulp nodig heeft stuurt een video van de stapel boeken en dan legt de hulpverlener uit waar het boek ligt dat hij nodig heeft.”

Naast apps bestaan er ook fysieke hulpmiddelen. Zo is er een bril die voor jou tekst leest en in je oor inspreekt. Op die manier kunnen mensen met een ernstige leesmoeilijkheden zelf op pad, zonder de begeleiding van hulpverleners. “De nieuwe technologieën zijn erg handig om in het werkveld in te zetten. We krijgen veel positieve reacties van mensen die bepaalde apps al gebruiken. Maar ze zullen de hulpverleners nooit helemaal kunnen vervangen”, zegt Baldewijns.

Auteurs: Cécile Van Roeyen en Eveline Hagenbeek